Naar vóren, Peter Bosz!

Het frisse bewind bij Ajax schept nu al hoge verwachtingen. Het is de nieuwe coach Peter Bosz in korte tijd gelukt het verstoppertjesvoetbal van de vorige trainer genadeloos bloot te leggen, door nederlagen tegen onbeduidende oefentegenstanders. Tevreden zag ik de uitslagen. De etterende wond wordt schoongemaakt, zodat de infectie eruit kan. Er hoeft geen zalfje op, dat houdt de genezing alleen maar tegen. Zon en zuurstof zijn voldoende. Dat en verder heel veel trainingsarbeid, anders denken en vertrouwen dat het beter zal worden. Voor mij hoeft dat niet snel. Het kan ook bijna niet.

Te vaak zag ik seizoenenlang nog net tussen mijn wimpers door hoe de bal voor de achtentachtigste keer breed of terug ging. Zelfs een samenvatting was regelmatig slaapverwekkend. We hadden vaak zoveel balbezit dat het logisch was dat alle verdedigers en middenvelders van Ajax een wedstrijdbal mee naar huis mochten nemen. Ze waren eraan gehecht geraakt. ‘De wedstrijd controleren’ was het motto. We konden als geen ander een wedstrijd ‘doodmaken’, maar daarna weer reanimeren lukte vaak niet meer. Dat was dan weer teveel gevraagd.

Natuurlijk verwacht ik niet dat Ajax binnen een aantal weken of zelfs maanden weer swingt. Het afgelopen snurk-EK heeft nog maar weer eens pijnlijk duidelijk gemaakt dat verdedigen makkelijker is dan aanvallen en dat je met een loopgraventactiek gewoon Europees kampioen kunt worden. Ik heb nooit begrepen dat je als voetballende miljonair het leuk vindt om níet te voetballen, alleen omdat je daar nóg rijker van wordt. Marco van Basten wil buitenspel afschaffen en mijn zegen heeft hij. Er moet iets gebeuren, anders zullen overenthousiast blatende voetbalreporters als Frank Snoeks binnenkort vervangen worden door fluisterende biljartcommentatoren:
“Klaassen gaat van acquit richting Veltman, die geduldig een vrij speelveld van dertig meter overziet, maar de bal op beheerste wijze in de voeten van zijn keeper caramboleert. De goalie overweegt vlak buiten de zestien een trekbal richting de linksback, maar ziet de laatste man van de tegenstander twee passen naar voren doen, waardoor Cillessen wijselijk besluit de weg terug in te zetten. Op de doellat valt een oude meeuw om.”

We zouden buitenspel af kunnen schaffen en bijvoorbeeld afspreken dat je met maximaal tien spelers op je eigen helft mag komen. Maar liever heb ik dat trainers in gaan zien dat Jan Mulder weer eens gelijk heeft. “Voetbal is niet tactiek maar techniek!” Dominant voetbal vanwege een superieure balbehandeling. Als vanzelf inspelen op de goede voet. De bal hard inpassen, omdat je weet dat je medespeler hem meteen goed zal leggen.

Onlangs voetbalde ik als verreweg oudste in het park samen met wat jonge gasten tegen een zootje Spanjaarden, die dat daar elke week doen. Na mijn eerste Cruijff-turn (dreigen te passen, maar dan de bal achter het standbeen terugkappen en je tegenstander daarmee het bos of in dit geval het park insturen) en wat achteloze passjes buitenkant voet, kreeg ik al mandekking. Ik wil niet direct zeggen dat ze het Spaans benauwd kregen als ik in de loop de bal meenam, maar ik versta inmiddels genoeg van die prachtige taal, om te weten dat er om extra aandacht geschreeuwd werd voor die iets te zware Hollander, die vanwege de hitte vooral vanuit de schaduw van een grote eik de ene na de andere geniale pass verstuurde. Of na drie kwartier vooral de intentie had dat te doen.

Dat het naast mijn rentree tevens mijn afscheidswedstrijd werd, omdat ik na bijna twee weken pas weer pijnloos slaap en rechtuit loop, en al blij ben dat mijn standbeenknie alleen nog maar om het uur op slot gaat, hoeven de Spanjaarden niet te weten. Dat zou alleen maar afbreuk doen aan de verpletterende indruk die mijn roestvrije techniek op hen maakte. Ze zullen opgelucht ademhalen als ik de volgende keer mijn voetbalschoenen niet bij me blijk te hebben. Anders ik wel.

Wat ik probeer duidelijk te maken is dat de tactische besprekingen korter moeten. Bijna elke Ajacied heeft voldoende functionele techniek om dominant aanvallend voetbal te spelen en Peter Bosz is speciaal naar Ajax gekomen om rustig maar kort uit te leggen hoe dat ook weer moet. Dat gaat voorlopig nog gepaard met uiterst zwakke oefenresultaten, maar dat is juist goed. De spelers moeten weer leren zelf na te denken en dingen op het veld om te zetten, zonder een norse trainer die het verdedigend denkend allemaal voorkauwt. Elke greintje creativiteit is er te lang al vóór de rust uitgeschreeuwd. Alleen voor mijn siësta’s was dat een weldaad. Verder voor niets en niemand.

De vraag is of er voldoende tijd zal zijn om het aanvallend omdenken een kans te geven. Er zal weinig krediet zijn na wat competitienederlagen, of zelfs overwinningen van 5-4 of 4-3. De verdediging stond jaren als een huis, dus dat wordt even wennen. PAOK komt wellicht te vroeg, al sluit ik niet uit dat de Grieken met een schuin oog op de oefenresultaten ten onder zullen gaan aan onderschatting van de tegenstander. Elk nadeel heb zijn voordeel. Mochten we tegen de winterstop zo rond de zesde plaats verkeren, dan zal Ronald de Boer bij FOX en in zijn VI-columns ineens wél een meedogenloze mening over Ajax blijken te hebben, nu zijn broer er de boel niet meer in slaap sust.

Ik adviseer Peter Bosz desondanks om onverstoorbaar door te gaan, na elke nieuwe nederlaag. Aanvallen moeten we, omdat dat van nature de bedoeling van het spelletje was en zeker bij oprichting van onze club. En als hij daardoor blootlegt dat deze selectie niet (meer) slim genoeg is om aanvallend te denken en te doen, en daarmee het falen van de vorige trainer inclusief staf, scouting en Technisch Directeur Marc Overmars onthult, dan is er al heel wat gewonnen.

Ron Schiltmans